Minder, minder! – wat?

Hij had het zo gehoopt, Filip de Winter. Dat zijn kameraad Geert Wilders zijn uitspraken in Antwerpen zou komen herhalen. Geert Wilders, die door historicus Marc Reynebeau in zijn column in De Standaard van maandag 24 maart  treffend “een volleerde Pontius Pilatus” genoemd wordt. Want net als Pilatus legde hij het volk een schijndilemma voor en wist hij het demagogisch tot het scanderen van zijn voorgegeven keuze te brengen: “Minder, minder!” Minder wat?  Marokkanen. Voilà, dat is duidelijk.

Pontius Pilatus wast zijn handen in onschuld. Het volk heeft zijn keuze te kennen gegeven. En terecht volgens hem, want het gaat hier om afstraffing van criminaliteit. Tenminste, in de ogen van datzelfde volk. Populisme is niet meer dan een druk op de knop van onderbuik-angst. Wat je krijgt is agressiediarree. De waarheid, noemen ze dat. “Ik heb niets verkeerds gezegd”, zo houdt Pilatus Wilders voet bij stuk. Not guilty.

De Winter zou nog onschuldiger zijn dan zijn Nederlandse evenknie. Hij probeerde het spontane copycat-scanderen onder zijn gehoor nog te bedaren. Maar gelukkig voor hem spreken dapperen in Nederland (Geert Wilders) en Frankrijk (Marine Le Pen) en hun respectievelijke aanhang zich tegelijkertijd duidelijk uit. Hoop voor Fort Europa. Minder is het nieuwe meer, zo besluit Reynebeau zijn column.

“We gaan het regelen”, zo beloofde Wilders het volk. Wat dat ook moge betekenen. Kruisigen, de schandpaal, deportatie, daar kan allemaal voor gezorgd worden. Maar zijn uitspraken komen hem duur te staan. Van het niveau van de grootste partij in Nederland zakt hij pijlsnel in de peilingen; fractieleden op gemeentelijk, provinciaal en nationaal niveau distantiëren zich of stappen op, klachten regenen binnen bij het ministerie van justitie en verschillende bevolkingsgroepen, waaronder de kerken, tekenen luid protest aan. Tot en met een volledige kerkdienst tegen racisme.

In België kunnen we niet onze schouders ophalen. Waar het regent in Den Haag, regent het klaarblijkelijk even hard in Antwerpen. Het kwade wordt toch zo gemakkelijk nagebootst.  De Winter mag dan sussend hebben opgetreden, maar liet tevens duidelijk verstaan dat hij enthousiast was over Wilders’ uitspraken en ook minder Marokkanen in Antwerpen wil. En ook over Parijs strekt de regenzone zich uit. Onze buren aan de andere kant stemden zojuist massaal voor extreem-rechts.

Wordt het nu niet tijd dat ook wij in België wakkerschieten? Of laten we ons een rad voor de ogen draaien? “Not in my backyard”? Vlaams Belang kalft af en de Lijst De Decker is ook niet meer serieus te nemen. Maar let op: de xenofobie zit nu in de sociaal aanvaarde partijen en wordt daarmee sociaal aanvaard. Je krijgt er geen cordon sanitaire meer omheen gefrommeld. De populariteit van Maggie De Block om haar migrantenbeleid (want waarom anders) swingt de pan uit.

Nederland was lang voorbeeldland voor België. Wij denken hier graag dat de rollen de laatste jaren zijn omgekeerd. Op het gebied van onderwijs, van fatsoen en discipline, van medische wetenschap en zorg, ja. Qua xenofobie halen wij in België eveneens topscores, maar dat zou historisch te begrijpen zijn vanuit de eeuwenlange bezetting van dan weer de ene, dan weer de andere buitenlandse macht. Ook qua medicatiegebruik en suïcide bij jongeren kan Nederland nog niet aan ons tippen, maar ja, wij zijn nu eenmaal niet zo’n praatcultuur als de Nederlandse. Voor alles is een verklaring. Maar aan Nederland een voorbeeld nemen? Neuh…

Wat we ondertussen kennelijk wel graag van die Nederlandse praatcultuur overnemen zijn scandeerbare slogans. Toch als het over Marokkanen gaat. Die passen perfect in ons Vlaamse haatstraatje. De slogans wel te verstaan, niet de Marokkanen.

De Vlaamse xenofobie is niet onschuldiger dan de Nederlandse. Laat De Winter vooral niet in de schaduw verdwijnen van zijn Nederlandse geestesgenoot. Ook hij koestert en verkondigt flagrante vreemdelingenhaat. Ook hij drukt de knop in van wat in de buik van veel mensen leeft. Nu nog versterkt door die duidelijke roep in de buurlanden.

En wat doen wij? Halen we onze schouders op? Laten we dit op z’n Vlaams over ons heen komen? En wat ik hier vooral wil aankaarten: waar zijn de protestantse (ik zwijg nog over andere, steek liever hand in eigen boezem) proteststemmen? We zijn het protesteren toch niet aan het verleren? Pas op: protestant zijn is niet synoniem met protesteren, in de zin van tegen iets scanderen. Pro-testare betekent integendeel getuigen vóór. Maar waarvóór zijn we dan? Als wij tegen “minder, minder” zijn, zijn wij dan omgekeerd evenredig vóór “meer, meer”? Meer wat dan? Wilders speelde deze woorden tegen elkaar uit. “Meer of minder” is een oneigenlijke keuze en vermoordt elke nuance. Hij zou bedoéld hebben: “minder criminéle Marokkanen”. Maar wie is crimineel? Vindt hij en vinden zijn aanhangers Marokkanen niet de oorzaak van alle problemen? De bron van alle geweld, de rem op de Nederlandse cultuur? Als je dit al vindt, ga je natuurlijk niet “meer” zeggen. Het volk is gemanipuleerd.

Wat moet je met zulke keuzevragen? Wat willen wij minder? Minder racisme? Minder xenofobie? Minder domheid? Minder Vlaams-Block-gedachtengoed? Hoe ga je dat “regelen”?  Wat zeg je als je dat uitroept? Waar ga je dit alles localiseren en hoe bereik je deze vermindering? Minder – wat?

Nee, laten wij uit deze oneigenlijke tegenstelling blijven, van “minder” versus “meer”.  Er is in ons land al meer dan genoeg geleden onder het opzetten van de ene bevolkingsgroep tegen de andere met alle geweld vandien: liberaal of socialistisch versus katholiek, katholiek versus vrijzinnig of protestants, de ene taalgroep tegen de andere, politieke partijen onder elkaar. Wat is er al gevochten, gescholden, uitgesloten, verguisd. Historisch gezien zouden wij daar stilaan de buik van vol mogen hebben.

Als protestanten hebben wij affiniteit met de overlevingsstrijd van elke minderheidsgroep. Protestantisme betekent: je niet laten sturen, eigen meningsvorming, protesteren tégen door te getuigen vóór. Positief getuige te zijn van. Het enige wat we protesterend kunnen laten horen is waar we niet van gediend zijn en waarom. Ons distantiëren van alle haat, onderbouwd en rustig, met een ingetogenheid die past in deze veertigdagentijd van bezinning op het lijden van de man die liefde was in persoon en die door Pilatuspopulisme het leven liet aan de schandpaal van het kruis. Daarbij versterft alle ongenuanceerde stelligheid je in de mond. Waar we vervolgens beter onze krachten aan geven is als kerkgemeenschappen tonen hoe samenleven anders kan. Dat is de beste vorm van protest. Opstaan voor. Voor medemenselijkheid, voor broederschap, voor gelijkwaardigheid, waarden die we hoog hebben. Maar dan wel ècht. Geen abstracte idealen. Geen woorden maar daden. Op mensenmaat: vriendschappen aangaan met mensen van andere oorsprong en voorgeschiedenis, veelkleurig kerk zijn en iedereen gelijkwaardig eerbiedigen.

Zoals de man die leed onder Pontius Pilatus, werd gekruisigd, maar die dwars door alle geweld en angst heen is opgestaan om mensen met God, zichzelf en elkaar te verzoenen.

Petra Schipper

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s